| |
|
|
 | |  | door Rein Stam zaterdag 17 januari 2009 |  | De door hen zelf ingezette actie voor belo-
ning leidde tenslotte toch tot succes voor
de vijf Oudeschilder loodsmannen.
Doorslaggevende factor bleek tenslotte het
rapport van de schout van Texel te zijn.
Deze was voor het grootste gedeelte oog-
getuige geweest van de laatste reddings-
actie van de moedige Texelaars.
De schout bevestigde “dat bijna zeker was,
dat Rekwestanten de alleszins hachelijke en
gevaarvolle onderneming beproefd hadden.
Indien niet zo het geval was dat geene der
Schipbreukelingen zoude zijn gered.”
Opvallend in bovenstaande getuigenverkla-
ring is dat de schout, ondanks dat hij getui-
ge was, toch een slag om de arm houdt.
Ondanks het voorbehoud van de schout
was de minister overtuigd en stelde voor:
“Aan de Rekwestanten eene beloning toe te
staan, ook tot aanmoediging van eventueele
voorkomende gevallen als onderhavige.”
Bij Koninklijk Besluit van 3 januari 1824
werd verleend een zilveren medaille ter be-
loning van edele en menslievende daden.
Loodsschipper Jan Troost ontving de zilve-
ren medaille van de tweede grootte.
Loodslieden Tijs Wigman, Pieter Pelser,
Pieter Troost en Hendrik Troost Jr. kregen
de zilveren medaille van de derde grootte.
Het waren, zeker gezien in de tijd, kostbare
medailles. Die van de tweede grootte kostte
ƒ 18,- en die van de derde grootte ƒ 13,-.
De medaille van Hendrik Troost Jr. is be-
waard gebleven en behoort tot de verzame-
ling van Dr. Bemolt van Loghum Staterus.
Hendrik heeft overigens niet lang plezier ge-
had van zijn beloning: hij overleed twee jaar
later in 1826 in Batavia (Ned. Indië).
Van de ramp met de schoener ‘Cendrillon’
is nergens meer iets terug te vinden.
|  |
|

|
| (c) Texelse Media. Zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de uitgever is het niet toegestaan informatie, beeldmateriaal, foto's, nieuwsberichten en/of berichtgevingen die verstrekt worden via Texel-Plaza op enigerlei wijze te verspreiden, in welke vorm dan ook. |
|
| |      |