| |
|
|
 | |  | door Rein Stam zaterdag 25 juli 2009 |  | Op 25 juni 1835 schreef de burgemeester
van Den Helder aan zijn collega Reinbach
op Texel een brief met de volgende inhoud:
‘Hedenmiddag is op stroom een onderste-
boven gevischten loodsschuit aangetroffen
bevaren door schipper Vos van Den Hoorn.
Ik stel Ued. in de gelegenheid om u van de
omgekomen personen in kennis te stellen.’
Het bleek om loodsschuit no.8 te gaan, die
in het Schulpengat was aangetroffen.
Aan boord bevonden zich vijf Texelaars:
Hendrik Vos, Jacob Griek, Klaas Bakker,
Maarten Gollensteijn en Willem Kunst.
Burgemeester Reinbach van Texel schreef
in een noodoproep aan de Gouverneur dat
er 4 weduwen en 18 kinderen achterbleven.
‘Zij blijven hulpeloos achter, hopend dat de
publieke liefdadigheid erop gevestigd is.’
Reinbach stelde zich aan het hoofd ‘eener
Commissie, die buiten mij zal bestaan uit
Kolonel ter zee Pool en de predikanten’.
Hij vroeg de Gouverneur van Noord-Holland
om zijn aanbeveling vanwege de bijzondere
verdiensten van de omgekomenen.
Hij doelde daarmee op de belangrijke en
gevaarlijke taak die de loodsmannen al
eeuwen vervulden in het landsbelang.
De burgemeester van Den Helder reageerde
alert: al op 23 juli meldde hij per brief dat in
zijn gemeente een collecte was gehouden.
De opbrengst was voor de weduwen en kin-
deren van de slachtoffers in mei en juni.
In mei waren er volgens de brief ook man-
schappen verongelukt op de Zuiderhaaks.
Daar was de helft van de opbrengst voor.
De schrijver van dit stukje ontdekte op in-
ternet onlangs een opvallend feit.
Op de website ‘Wrecksite’ wordt een wrak
vermeld van loodsboot no.8, gezonken op
25 juni 1835, gevonden t.h.v. Camperduin…
|  |
|

|
| (c) Texelse Media. Zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de uitgever is het niet toegestaan informatie, beeldmateriaal, foto's, nieuwsberichten en/of berichtgevingen die verstrekt worden via Texel-Plaza op enigerlei wijze te verspreiden, in welke vorm dan ook. |
|
| |      |