| |
|
|
 | |  | door Edo Kooiman zaterdag 15 augustus 2009 |  | Nadat Albert Dros de hegemonie over de
stoomschelpenzuigerij van de Friezen had
overgenomen viel zijn blik op iets anders.
Na de komst van de stoomboten bleek de
markt van het bergings- en sleepwerk een
lucratieve kans om zijn boten te benutten.
De schelpenzuigers van Dros lagen een tijd
van het jaar werkeloos in de haven.
Een uitgelezen kans voor de inventieve
Dros om de stoomboten de zee op te sturen
om sleep- en bergingswerk te doen.
Zur Mühlen waagde zijn speciaal gebouwde
bergingsschepen niet in de gevaarlijke
gronden rondom de Waddeneilanden.
Dit was een uitgelezen kans voor Dros om
zich op deze nieuwe markt te begeven.
De berging was een totaal andere bezig-
heid: De schepen moesten in afwachting
van werk onder stoom in de haven liggen.
Bovendien waren de stoomschepen van
Dros echte schelpenzuigers en niet echt
optimaal geschikt voor het bergingswerk.
Een andere belemmering was het ontbre-
ken van radiotelegrafie aan boord.
Deze communicatievorm kwam pas later in
de 20e eeuw in gebruik, tot dan gebruikte
men slechts vuurpijlen en vlaggenseinen.
Ook de ligging van de Texelse haven was
niet gunstig voor het bergingswerk.
‘De Tijd’, het schip van Dros, lag eerst bui-
ten de sluis bij De Cocksdorp recht voor
een zandbank, niet prettig bij het uitvaren.
Zur Mühlen had het een stuk gemakkelijker
met zijn schepen aan het open water bij
Nieuwediep recht voor de Noordzee.
Bij de berging van de ‘Aludra’ in 1885,
waarbij Dros samenwerkte met 2 anderen,
bleek het bedrijf speciale dingen te kunnen.
Het afbrengen van het grote stoomschip
door de ‘Tijd’ was een bijzondere prestatie.
|  |
|

|
| (c) Texelse Media. Zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de uitgever is het niet toegestaan informatie, beeldmateriaal, foto's, nieuwsberichten en/of berichtgevingen die verstrekt worden via Texel-Plaza op enigerlei wijze te verspreiden, in welke vorm dan ook. |
|
| |      |