| |
|
|
 | |  | door Rein Stam zaterdag 24 oktober 2009 |  | Om de bootdienst tussen Vlieland en Har-
lingen ook in de winter in stand te houden
werd een beroep op subsidie gedaan.
Gesteund door de handtekeningen van bijna
alle meerderjarige Vlielanders ging er een
verzoek naar Provinciale Staten.
Die wezen binnen 14 dagen het verzoek af,
omdat men de dienst niet rendabel vond.
Dat dit niet ver bezijden de waarheid was,
bleek wel uit het feit dat de dienst inmiddels
nog maar op vier dagen werd gevaren.
Op maandag en donderdag vanaf Vlieland en
woensdag en zaterdag vanaf Harlingen.
Het werd er niet beter op toen de compag-
non van Duinker en eigenaar van de veer-
boot, Eydman, het eiland ging verlaten.
Op 6 november 1906 voer de ‘Vlieland’ lek in
het Noord-Hollands Kanaal, werd naar Am-
sterdam gesleept en gerepareerd.
Voordat het schip echter weer terug op Vlie-
land kwam, was het inmiddels juli 1907.
Het compagnonschap tussen Duinker en ex-
raadslid Eydman werd beëindigd en in au-
gustus vroeg Duinker weer subsidie aan.
Hij wilde opnieuw proberen een veerdienst
op te zetten. Het lukte echter niet meer.
In oktober 1906 werd bekend dat er een
raderboot zou komen voor de postdienst
tussen Terschelling, Vlieland en Harlingen.
Duinker gaf het op, althans voor wat betreft
de bootdienst, die zonder overheidssub-
sidie een doodgeboren kindje bleek te zijn.
Nanning Duinker gebruikte zijn energie ver-
der voor de ontwikkeling van het toerisme
naar zijn tweede vader(ei)land: Vlieland.
Hij werd voorzitter van de Vereniging Vlie-
lands Belang, de Vlielandse VVV zeg maar.
Nanning Willem Duinker trouwde op 20 juli
1890 met Maria Rab. Zij kregen 5 kinderen.
Op 10 juni 1955 overleed hij in Harlingen.
|  |
|

|
| (c) Texelse Media. Zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de uitgever is het niet toegestaan informatie, beeldmateriaal, foto's, nieuwsberichten en/of berichtgevingen die verstrekt worden via Texel-Plaza op enigerlei wijze te verspreiden, in welke vorm dan ook. |
|
| |      |