| |
|
|
 | |  | door Rein Stam zaterdag 31 oktober 2009 |  | Na de ontdekking van de olievelden in
Amerika ontstond een levendige handel in
aardolieprodukten, o.a. petroleum en nafta.
Nafta, oftewel petroleumether, werd toen
gebruikt bij het koken en als verlichting.
Deze zeer brandbare olie werd in houten
vaten vervoerd. Door het brandgevaar was
er met het vervoer veel geld te verdienen.
Er werden dan ook meestal oude en niet
meer zo zeewaardige schepen gebruikt.
De houten vaten lekten dikwijls en na een
paar reizen waren de schepen dan ook ver-
zadigd met olie wat niet echt handig was.
Het was dan ook logisch dat het moeilijk was
om bemanning te krijgen voor deze
‘helleschepen’, ondanks de hoge gages.
Twee van deze schepen, de ‘Saga’ en de
‘Bellona’, vertrokken eind september 1881
vlak na elkaar uit de haven van New York.
Voortdurend slecht weer en dikke mist na
het Kanaal brachten de schepen in de pro-
blemen. Men kon zich niet meer oriënteren.
Door ‘misgissing’ raakten de twee schepen
‘bezet’ (gestrand) op de Razende Bol.
Door de gevaarlijke lading durfden de be-
manningen geen noodsignalen af te vuren.
Pas een dag later, toen de mist was opge-
trokken, werden de twee schepen opge-
merkt op de uitkijkpost bij Fort Kijkduin.
Het duurde lang voor de Helderse redding-
boot, gesleept door de radersleepboot
‘Adsistent’, assistentie ging verlenen.
De bemanning was niet compleet, omdat
verschillende leden al met vletterlieden mee
waren om extra te kunnen verdienen.
Toen de reddingboot eindelijk bij de ‘Bello-
na’ was gearriveerd was de twaalfkoppige
bemanning al lang van boord gehaald.
Het schip werd met behulp van de ‘Adsis-
tent’ naar de rede van Den Helder gesleept.
|  |
|

|
| (c) Texelse Media. Zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de uitgever is het niet toegestaan informatie, beeldmateriaal, foto's, nieuwsberichten en/of berichtgevingen die verstrekt worden via Texel-Plaza op enigerlei wijze te verspreiden, in welke vorm dan ook. |
|
| |      |