De Koog

De Koog ontleent zijn naam aan het woord coogh of Koog. Oorspronkelijk, al in de 14e eeuw, na het ontstaan van de cooghen, werd De Koog een bloeiend vissersdorp. In 1514 telde De Koog 140 huizen en was, na Den Burg, het tweede dorp van het eiland.
Het verstuiven van de duinen en een grote stormvloed in 1570 luidden de ondergang van De Koog als vissersdorp in. Zeventig huizen dreven weg en het gehele dorp overstroomde. Door de verstuiving verzandden de diepere zeegeulen en konden de vissersschepen het dorp niet meer bereiken.

Toen het toerisme de eerste voorzichtige schreden zette in het begin van de 20e eeuw met de opening van het Badhotel bestond het dorp uit elf huizen, merendeel boerderijen, en een kerk. Na WO II ging het echter hard met het toerisme. Tegenwoordig wordt het aantal inwoners in De Koog ’s zomers bijna twintig keer zoveel. Alles in het dorp is op het toerisme gericht, van eenvoudige camping tot vijfsterrenhotel.
Het dorp is het uitgaanscentrum van Texel met talrijke cafés, restaurants en een discotheek. Ook aan slecht weer voorzieningen heeft men gedacht: een squashhal, kartbaan, subtropisch zwemparadijs en de grootste toeristische attractie van Texel EcoMare. Het centrum voor wadden en Noordzee vindt men nabij De Koog.
Uw bedrijf vermelden?
Geef gratis 5 trefwoorden op



